Posts Tagged ‘ haken ’

Driehoekige sjaal

Ik dacht, een fijne omslagdoek, dat is handig voor op mijn werk, want daar is het een eeuwig gevecht om hoe warm of koud de verwarming mag staan. Dus zocht ik een patroon en rommelde ik in mijn voorraad wol naar wat geschikt garen. Optimistisch als ik ben dacht ik, het is een kantachtig patroon, dat gaat vast lekker snel, één bol of zo, en dan heb ik wat warms om om te slaan op koude dagen. Zoals zo vaak bleek het allemaal wat minder voorspoedig te gaan dan ik dacht. Niet dat het niet lukte of zo, maar er gaat gewoon heel veel wol in zo´n lap. En in het begin gaat het wel lekker snel, maar deze doek werkt vanuit het midden naar buiten toe. De rijen die je haakt worden dus steeds langer, en dan lijkt het steeds langzamer te gaan.

Daarbij kwam ik er ook halverwege pas achte dat ik eigenlijk een veel dikkere naald had moete gebruiken, voor een meer open resultaat. Mijn versie is dus veel compacter dan eigenlijk de bedoeling was.

Bijna halverwege de sjaal.

Bijna halverwege de sjaal.

Detail van de sjaal.

Detail van de sjaal.

Maar goed een paar weken later dan ik had ingeschat, vond ik het na tweeëneenhalve bol wol wel welletjes geweest. Mijn werk verhuist volgende week ook naar een geaircoot nieuw gebouw, dus dan is het toch vrij overbodig verder. Gelukkig doet hij het ook goed als winterse sjaal.

Sjaal in actie.

Sjaal in actie.

 

Advertenties

Breinaaldenkoker

Zo langzamerhand heb ik een aardige hoeveelheid breinaalden verzameld, die een beetje losjes door het huis zwierven. Tijd voor een breinaaldenkoker dus. Ik had nog een leeg fetablik dat de perfecte afmetingen had.

Fetablik

Alleen is zo´n blik niet heel erg mooi om tegenaan te kijken. Ik had geen zin om met verf te gaan klooien, dat geeft zo´n rotzooi. Er moest dus een hoesje of zo omheen. Van sisaltouw voor een retehipperdepip rustiek interieurdinges. Met een 8 mm haaknaald valt er prima mee te haken. Een tikje stroef, want het touw is vrij stug, en het schuurt wat aan de vingers, dus een paar pauzes tussendoor zijn wel nodig, maar verder ging het redelijk snel. Hij is een tikje bobbelig geworden, omdat ik de bodem aanvankelijk iets te groot had. Maak je de bodemcirkel even groot als de bodem van het blik voor je omhoog gaat, dan wordt hij op de een of andere manier toch te wijd. Omdat ik geen zin had om de boel weer uit te trekken, heb ik maag gewoon wat steken geminderd om hem smaller te maken. Het resultaat is niet helemaal zo strak als je in de winkels ziet, maar ach, een kniesoor die daarop let.

Rustieke sisal breinaaldenkoker

Nodig: een haaknaald van 8 mm en een bol sisal. Ik weet niet hoe veel precies, ik had een bol van 200 meter touw, waar ik denk ik drie kwart van over heb. Een metertje of vijftig dus gok ik. En een leeg fetablik (of glazen pot, of helemaal niks).

Werkwijze: begin met een platte cirkel

  • haak drie losse
  • maak tien vaste in de eerste losse
  • haak in elke vaste twee vasten
  • ga zo rond tot je cirkel groot genoeg is (ietsje kleiner dan de bodem van het blik)

Haak dan steeds maar één steek in elke steek, tot je koker hoog genoeg is.

Dat blik is eigenlijk niet echt nodig, het touw is zo stijf dat het ding ook zo prima rechtop blijft staan. Maar het is vrij grof, dus ik was bang dat de breinaalden er anders doorheen zouden steken, vandaar toch maar het blik erin.

Dubbelzijdige col

Een nieuwe winter, een nieuwe sjaal. Of, in dit geval, col. Ik zag een mooi patroon op Mooglyblog.com en dacht, die wil ik wel. Bij de Wibra tikte ik twee bollen mooie tweed-achtige wol op de kop, groen en bruin, en toen kon ik aan de slag. Het is een vrij eenvoudig patroon, dus dat werkte lekker door. Ik kwam er dus al snel achter dat ik te weinig groen had. Terug naar de Wibra dus. Maar dat zul je dan altijd zien: de groen was inmiddels op. Shit. Enig googelen leerde mij dat dit een al wat oudere partij wol was, die dus waarschijnlijk niet bijgevuld zal worden. Dan maar naar de andere Wibra, verder weg, gefietst. Ook op. Maar in Amsterdam zat er ook een, op niet al te ver om richting kantoor. Ook op. Arg!

Uiteindelijk heb ik de col maar meer uitgehaald, en ben opnieuw begonnen, maar dan een stuk korter. Dus nu heb ik de col, maar dan korter en smaller dan de bedoeling was. Ach ja. Lekker warm is hij wel.

De groene kant van de col De bruine kant van de col actiefoto

 

Sjaal

De dagen worden weer rap korter, de avonden langer, dus is het weer tijd om te haken. Een sjaal maar weer eens, want is zo lekker overzichtelijk, en geschikt om overgebleven bollen wol weg te werken. Geen officieel patroon dit keer, maar blokken in verschillende steken. Het is een beetje een onregelmatige sjaal geworden die niet overal even breed is, want de verschillende steken zijn niet allemaal even breed. Ik heb wel her en der wat gemeerderd en geminderd, maar het blijft wat ongelijk allemaal. Maar ach, daar zie je niks van als je hem om hebt.

Popcornsteek

Ik begon met de popcornsteek, een absolute favoriet die een lekker 3D-patroon oplevert.

Soort van blokjes

Toen een soort van subtiel ruitjespatroon, de bovenste helft van dit patroon.

Dubbele waaiers

Toen een dubbele waaier, of solid scallop pattern.

Gewone stokjes en vasten

De volgende was een blokje gewone stokjes, afgewisseld met vaste steken.

Bolletjessteek

Daarna een blokje waarvan ik niet meer precies weet welk patroon ik heb gevolgd. Het zou deze mini-popcorn kunnen zijn.

dunne horizontale ribbels

Voor de horizontale steken gebruikte ik een gewone vaste steek, maar telkens alleen in de achterste draad van de steek gemaakt (de steek die ook vaak als boordsteek wordt gebruikt bij het haken).

Enkele waaiers

Toen nog een andere waaier- of schelpenpatroontje.

Dikke verticale ribbels

Deze verticale steep is vrij compact, maar levert wel een hele fijne dikke ribbel op. Het is de boordsteek waarmee dit patroon voor een trui begint (de front post double crochet en back post double crochet).

V-steek

En als laatste maakte ik een blokje V-steken. Toen had ik nog net genoeg wol,  over om een zig-zagrandje aan de uiteinden te maken.

De sjaal bevalt uitstekend. Het zijn allemaal redelijk dichte steken, dus hij is lekker warm.

 

Baardmuts II

Man des Huizes had vol goede bedoelingen mijn baardmuts in de was gedaan. Helaas was de 100% wol daar niet heel goed tegen bestand. Hoewel het haakwerk nu extra vast (winddicht!) is, is hij ook een maatje of twee kleiner geworden. Tijd dus voor een nieuwe versie, met de IJslandse wol die ik over had na het maken van mijn col.

Zelfde patroon (een beetje op het oog gevolgd, met af en toe passen of de muts niet te groot of te klein werd, en dan een rondje extra of minder gehaakt). De snor is dit keer niet met knopen vastgezet, maar met koordjes vastgestrikt. Ook is hij wat dunner en losser dan de eerste versie (zelfs voor het wassen), simpelweg omdat de wol dunner is. Toch ben ik niet ontevreden. Over een paar weken wordt hij uitgetest in het barre Noorwegen.

baardmuts

Col

Na het monsterproject van de kabeltrui maar even een vluggertje tussendoor. Bij een locale rommelwinkel vond ik zowaar negen bollen IJslandse wol. Mooi spul, maar net te weinig voor een hele trui. De eerste drie bollen zijn nu een gehaakte col geworden. De rest gaat naar een muts, en misschien nog wanten.

Gehaakte col

 

Vest

Da’s ook wat. Kun je net een stukkie foutloos rechtuit breien, krijg je het meteen hoog in je bol. Op het moment hangen de winkels vol met hippe gebreide truien en vesten. Ik kan mezelf er alleen niet meer toe brengen ze ook aan te schaffen, want steeds denk ik: ja leuk, maar dat kan ik natuurlijk zelf ook. Daarbij natuurlijk even vergetend dat je voor die twee a drie tientjes bij de H&M natuurlijk nauwelijks zelf wol kan komen en wekenlang gaan zitten breien.

Zoekend naar nieuwe patronen dwaalde ik af van het eeuwige (Amerikaanse) lionbrand, en kwam terecht bij het Europese Garnstudio. Die hebben ook veel gratis patronen, en nog in het Nederlands ook. Als inkomertje eerst maar eens aan een gehaakt vest begonnen. Met el cheapo garen van de Zeeman. Kledingstukken vallen nog niet mee. Pasvorm is bij een trui of vest toch nog iets belangrijker dan bij een deken. Ik had het allemaal goed bedacht, een beetje omgerekend en getweakt, maar ben toch de mist in gegaan. Ik had van tevoren bedacht dat onder aan het achterpand vijf blokjes moesten komen.

Vierkantje.

Maar toen ik er vijf naast elkaar had, leek dat toch wel heel breed. Toch maar vier dan. Vervolgens het hele achterpand gemaakt, en aan de voorpanden vastgenaaid. Tsja. U raad het al: da’s toch wel weer smal. Ik had er even niet bij stilgestaan dat een vest normaal niet plat ligt, maar dat er nog een lijf tussen zit. En niet dat ik nou zou ontzettend dik ben, graatmager ben ik ook niet. Het beste zou natuurlijk zijn om de boel uit te halen en alsnog dat vijfde vierkantje er aan te zetten. Maar ja. Da’s wel weer verrekte veel werk. Dus nu ga ik waarschijnlijk toch eerst maar even wat klooien met ingezette zijstukjes. Ongetwijfeld tot mislukken gedoemd, maar vooralsnog hoop ik er het beste van.

Vest in aanbouw.

Leerpuntje voor het volgende kledingstuk: houd je aan het patroon.