Posts Tagged ‘ film ’

Namaak Revolog

Ergens in 2014 bedacht ik al dat ik nog een namaak-revolog zou gaan maken. In 2016 kwam het er dan eindelijk eens van. Revolog is een relatief nieuw merk film, dat specialiseert in creatief voorbewerkte film. Er zijn verschillende varianten. Sommige films geven je foto’s een kleurverloop, andere zijn bezaaid met neonkleurige krasjes, lichtvlekjes of bliksems. Het zijn grappige effecten, maar ik vind de film aan de dure kant voor wat toch een beetje een gimmick is. Of nou ja, tussen de 7 en 9 euro is tegenwoordig niet eens zo heel duur meer voor een rolletje film. Maar een heel rolletje met het zelfde effect is me gewoon wat veel. Nu is het in theorie niet eens zo heel moeilijk om in elk geval een deel van de door Revolog geboden effecten na te maken. Dat gaat als volgt:

– Maak (of Google naar) een beeld op een zwarte achtergrond. Photoshop wat bliksemschichten, oplichtende punten, krassen en dergelijke. Of neem foto’s van doorschijnende kwallen, sterrenstelsels, vuurwerk of zo, als het maar tegen een zwarte achtergrond is.

– Zet ze zo groot mogelijk op een computerscherm. Zorg voor een goede hoge resulutie. Hoe groter het scherm, hoe beter.

– Schiet een rolletje vol met de beelden. Zorg dat het zwarte vlak waarop je beelden staan helemaal beeldvullend is. Gebruik een statief, want de donkere achtergrond kan voor een lange sluitertijd zorgen.

– Spoel je rolletje terug, maar zorg dat er nog een stukje film uit je rolletje steekt. Laadt het opnieuw in de camera en schiet nu gewone foto’s.

De zwarte achtergrond wordt nu ingevuld met je tweede laag. Ik heb er schitterende voorbeelden van gezien. Ik maakte wat bliksems in Photoshop, wat lichtpunten, namaak-lensflares, wat kitscherige vlammenranden, en ik zocht wat kwallen en ruimtefoto’s.

Het resultaat is middelmatig. De theorie is weer eens iets weerbarstiger dan de realiteit. Mijn foto’s hebben twee hoofdproblemen:

– Ik ben niet goed in het precies uitlijnen van film voor een tweede keer. Omdat het patroon bij mijn namaak-Revolog niet doorloopt, is het het mooiste als de film bij de tweede laag precies zo in de camera ligt als de eerste laag. Daarzijn slimme technieken voor, met markeringen en zo. Maar het lukt mij nooit goed. Zie ook mijn EBS.

– De eerste laag is toch wat te licht uitgevallen, en heeft een soort kleurzweem. De foto’s zijn daardoor wat bruinig uitgevallen. Strooilicht van buiten beeld, te lichte ontwerpen, of een combinatie daarvan. Ik denk dat ik iets te veel wilde met mijn patronen. De wat subtielere dingen werkten tocht het beste.

Nou ja, dat weten we dan ook weer. Revolog hoeft voorlopig niet te vrezen voor mijn concurrentie.

Overigens verkoopt Revolog ook film met een soort bubbelpatroon, Texture. Geheel per ongeluk, heb ik daar wel een aardige imitatie van gemaakt, door een film na te spoelen met zeepsop, en de sop zo op te laten drogen in plaats van eraf te blazen.

Advertenties

APS

Alweer een hele tijd geleden kocht ik bij de kringloopwinkel een aardig Minolta-cameraatje. Een Vectis-20. Enige nadeel: het was een APS-camera. Maar er zat wel nog een rolletje in, en ik dacht, misschien bedenk ik er nog wel eens iets mee. Het probleem met APS is namelijk dat het een afwijkend silmformaat is, 24 mm breed in plaats van de gebruikelijke 35 mm. Daardoor past hij niet in mijn ontwikkelspoelen en wordt het ontwikkelen wat problematisch.

Minolta Vectis-20 vastgelegd met een Praktica MTL-3 en Lomography CN 100 film.

Toen ik laatst online wat batterijen kocht, dacht ik, waarom ook eigenlijk niet?, en bestelde ook een batterijtje voor de Vectis. Eerst maar eens dat rolletje vol, en dan kijken we wel weer verder.

APS en 35 mm film

APS en 35 mm film

Het volschieten ging niet helemaal vlekkeloos. Het motortje van de lens haperde nogal, en wilde de lens afwisselend niet naar buiten schuiven en intrekken. Of de camera ook goed wilde focussen was dus ook nog maar de vraag. Maar goed, toch naar de 15 foto’s van het rolletje volgemaakt.

Volgende stap was het ontwikkelen. In een vlaag van inspiratie had ik bedacht dat ik mijn 110-ontwikkelspoel wel tot APS-spoel kon omkatten. Ik knipte een strookje papier van 24 mm breed als mal, zette de spoel op de goede breedte, en tapete hem vast. Geen heel erg stevige constructie, maar goed genoeg.

Strookje papier van 24 mm. Vastegetapete ontwikkelspole. Ja, het past.

Volgende punt van aandacht was het uit de cassette halen van de film. Bij een gewoon rolletje kun je een filmtrekker naar binnen steken, maar bij APS niet, daar zit een klepje voor de ingang. Lang leve internet, want daar vond ik dat er op de cassette gewoon een schakelaartje zit dat je met een kleine schroevendraaier kan omzetten, en dan opent het klepje zich. Daarna kun je de film zo naar buiten spoelen. Dat moet allemaal wel in het donker, want zodra het klepje open gaat, komt er licht bij de film, er zit geen fluwelen randje om dat tegen te houden, zoals bij een 35 mm-rolletje.

Dicht APS rolletje.

Dicht APS rolletje.

Knopje om het klepje te openen.

Knopje om het klepje te openen.

Open APS rolletje

Open APS rolletje

 

Het opspoelen van de film op de ontwikkelspoel ging zowaar helemaal probleemloos. Veel was het natuurlijk ook niet, met een rolletje van 15. Ik was dus optimistisch gestemd voor het ontwikkelen. Helaas was mijn optimisme wat voorbarig, want er bleek weinig zinnigs op mijn rolletje te staan. Het meeste was overbelicht – blijkbaar het ik in mijn pogingen de camera te doorgronden toch wat zitten prutsen te veel licht binnen gelaten. Tel daarbij op dat de film misschien al jaren in de camera heeft zitten broeien, en dan de lensproblemen, nou ja, dan kan je het wel raden. Het eindresultaat: twee foto’s van een nogal lelijk kunstwerk, ooit door de vorige eigenaar genomen, en drie twijfelachtige, onscherpe plaatjes van mij.

Minolta Vectis 20 met Fuji Nexis 400 film. Minolta Vectis 20 met Fuji Nexis 400 film.

Soms zit het mee, soms zit het tegen. Wie weet kom ik nog eens een APS-rolletje tegen voor een herkansing voor de Vectis.

 

Imitatie-revolog

Een tijdje terug kwam ik een aardige special effect film tegen op internet: revolog. Schiet een rolletje vol, en na ontwikkelen hebben je foto’s groene puntjes, een spannend partoon, of een bliksemschicht eroverheen. Best leuk, maar niet echt goedkoop voor wat toch vooral een gimmick is.

Nou leek het me makkelijk zat zelf te maken. Het is te vergelijken met de dubbele belichting die ik ooit maakte van  een gevonden rolletje film, en plaatjes van kwallen en bloemen.

Pentor super TL, kruidvat CN 200

Voor de imitatie-revlog maakte ik in Photoshop Elements wat geschikte afbeeldingen tegen een zwarte achtergrond. Bliksems, lens flares, vuur, dat werk. Google op Photoshop texture lightning o.i.d. en je vind zat tutorials waar het allemaal haarfijn wordt uitgelegd.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Vervolgens zette ik de afbeeldingen één voor één zo groot mogelijk op het beeldscherm, en nam ik er beeldvullende foto’s van. Geen randje computer of zo in beeld dus, alleen maar zwart met mijn plaatje. Daarna spoelde ik het rolletje terug, en nu is het klaar voor de tweede ronde: gewone foto’s maken en afwachten wat eruit zal komen.

Konstruktor: ah fuck

Bij het vorige rolletje met de Konstruktor viel me op dat het tellertje niet mooi mee draaide bij het doorspoelen van de film. Ik dacht, als ik het schroefje van van de spoelknop wat strakker aandraai zit het vast beter. Maar ergens heb ik toch wat fout gedaan, want een vrij belangrijk wieltje zit nu zo strak dat het nauwelijks in beweging komt. Helaas realiseerde ik me dat pas toen ik bij het terugspoelen nogal wat weerstand voelde en gekraak hoorde. Voor de zekerheid maar gestopt en de camera in de wisselzak opengemaakt. Ja hoor, mijn hele film aan gort.

Kapotgetrokken film

Ik kreeg hem niet eens meer het rolletje in gespoeld. Tot het ontwikkelen heb ik de film toen maar in een zwart filmbusje geparkeerd. Het koste ook heel wat pijn en moeite voor ik hem op de ontwikkelspoel had weten te prutsen. Nog een wonder dat ik er toch nog een stuk of toen foto’s uit heb weten te peuren.

Kapotgetrokken film

Maar goed, nu moet ik dus wel mijn Konstruktor zien te fixen, want stiekem vind ik het inmiddels toch wel een lekkere lens.

Film

LomoKino Sinds ik in het bezit ben van een LomoKino ben ik mij eens gaan verdiepen in het maken van filmpjes. De LokoKino is een fijn apparaat, waarmee je analoge filmpjes kan schieten op gewone filmrolletjes. Een seconde of 30 per rol. Niet echt geschikt voor een avondvullende speelfilm dus (tenzij je echt geld en tijd te veel hebt, en dat heb ik niet), maar toch heel geinig om korte filmpjes mee te maken.

Het kost wel wat tijd: het fotorolletje levert al snel zo’n 150 mini-negatiefjes op, dus dat duurt eindeloos lang voor je die allemaal gescand hebt. In theorie zou ik ook mijn filmpje kunnen bekijken in het bijbehorende viewertje, maar dat ding is niet echt handig vind ik. Om niet te zeggen vrij waardeloos. Scannen dus, en dan in een filmeditor zetten. De editor van mijn keus is Windows Movie Maker, en wel omdat dat programma al op mijn computer stond voorgeïnstalleerd. Tuurlijk, Final Cut, Premiere, bladibla. Deze was gratis. Het is verder vrij simpel: laad alle frames in je goede volgorde in het programma, stel de speelduur per frame in op heel kort (ergens tussen de 0,2 en 0,5 seconden of zo, hangt er vanaf hoe veel frames je hebt), en klaar is kees.

Uiteraard kun je ook zonder LomoKino filpjes maken. Mijn Supersampler maakt maar vier opvolgende frames, maar met wat creatief hergebruiken valt ook daar wel wat van te brouwen.

Er is natuurlijk ook geen reden om het bij analoge filmpjes te houden. Ik kondigde eerder de komst van de Konstruktor aan. Ik bedacht dat het wel aardig zou zijn om van de constructie een stop-motionfilmpje te maken. Ik zette de digicam op een statief, en drukte tijdens de montage een paar keer per minuut op de zelfontspanner. Het resultaat is heel aardig, al zeg ik het zelf.

Je ziet dat mijn film inmiddels begin en eindtitels heeft (snel in Paint in elkaar geflansd), en geluid. Dat geluid komt van freesound.org, een fijne site vol rechtenvrije geluidjes en muziekjes die je kunt gebruiken. Scheelt weer rechtzaken…

Instamatic experiment

In mijn bezit zijn twee instamatic camera’s, een Kodak en een Agfa. Simpele gevallen die ik graag zou willen uitproberen, ware het niet dat de instamatic- of 126-film die erin moet niet meer gemaakt wordt. Je kan nog wel wat krijgen via Ebay of Marktplaats of zo, maar dat is me allemaal veel te veel gedoe. Nou las ik laast dat die 126-film eigenlijk gewoon 35mm film is, maar dan in een ander hulsje (en met minder gaatjes, maar dat is een minder belangrijk detail). Je kan dus ook een oude, gebruikte filmcassette vullen met 35mm film en die dan gebruiken. Er is dus hoop. Nou vind ik het opsnorren van een gebruikte 126-rol ook al vrij veel gedoe. De lokale kringloopwinkel had in elk geval niks liggen. Dus ik dacht, misschien kan het anders.

Thuisontwikkelende hamseraar dat ik ben, heb ik bergen lege filmrolletje liggen. Die passen niet in de instamatic-camera, omdat er een stukje spoel uitsteekt.

Past niet.

Dat stukje spoel kan er natuurlijk ook afgezaagd worden, dan past het wel. Blijf je alleen met het doorspoelen zitten. Er zit in aan die instamatic-film een net ander setje ribbeltje waar het spoelmechanisme achter haakt. Enig lukraak prutsen met een stukje karton bleek echter een vrij bevredigend resultaat te hebben.

Stukkie karton in het spoeltje gepropt.

Zo simpel is het dus. Nog wat extra karton onder het rolletje gepropt om het iets omhoog te tillen zodat het sprocket-palletje netjes in de gaatjes valt. Venstertje achter op de camera afgetaped omdat de oorspronkelijke film papier aan de achterkant heeft (net als 120-film), en de huidige film niet. En nog een rolletje gesloopt om een klein spoeltje te hebben om de film omheen te wikkelen. Deze camera trekt namelijk de belichte film het rolletje in, dus je moet eerst de film (in het donker uiteraard!) uit je rolletje trekken, om een spoeltje te wikkelen (nou ja, zonder spoeltje oprollen zou ook wel kunnen, maar goed, nu heb ik het al met gedaan) en in de camera stoppen. Camera dicht, en dan pas weer het licht aan of de wisselzak open.

Bij het fotograferen moet je er wel nog rekening mee houden dat de oorspronkelijke film maar 1 gaatje per frame had, en dat het spoelmechanisme aan het gaatje ziet hoe ver het moet gaan. Ofwel, na het maken van een foto spoelt hij maar één gaatje door. Dan moet je de lens afdekken en nog een paar keer afdrukken en doorspoelen. Verder gaat het een beetje op de gok hoe lang je door kan fotograferen, want een tellertje heeft de camera niet (dat zag je oorspronkelijk aan het papier van de film).

Of het allemaal ook echt werkt, merken we later pas, want het is op het moment intens prutweer, dus er valt weinig te fotograferen. Daar komen we dus op terug!

Agfa isomat-rapid

Ooit kocht ik in de kringloopwinkel voor een paar euro drie Agfa-cameraatjes. Leuke dingen, dacht ik, tot ik thuiskwam en ontdekte dat er een obscuur type film in moets dat nergens meer te krijgen was. Wel zaten in twee ervan nog een raar metalen hulsje. Kon ik verder niks mee, dus verdwenen ze in een hoek van de zolder.

Agfa rapid-camera's.

 Op internet kwam ik een tijdje later wel wat meer informatie tegen over de zogenaamde rapid-camera’s. Daar vond ik ook beschrijvingen van hoe je de rare hulsjes eenvoudig kun vullen met film uit een gewoon rolletje, zodat je de camera toch kon gebruiken. Alleen, je moest er natuurlijk wel voor zorgen dat je bij het ontwikkelen je hulsje weer terugkreeg. Dat vond ik toch te veel gedoe.

Agfa rapid filmrolletjes.

Maar toen kwam de Jobo in mijn leven en ging er een wereld aan fotografische experimenten voor me open. En zo kwam het dat ik ook de Agfa Isomat-rapid maar eens uit het stof heb getrokken. Het vullen van de filmhulzen is te makkelijk voor woorden. Men neme een leeg hulsje, en een gewoon filmrolletje. Steek het uiteinde van de film in de Agfa-huls. Zoek een pikdonkere plek op (liefst een doka, maar bij gebrek daaraan werkt een zwart dekbed over je hoofd in een donkere slaapkamer ook vrij aardig), en trek steeds een stuk film uit het rolletje, en duw dat verder de huls in. Als het hele rolletje er in zit (of in elk geval zo veel als mogelijk) knip je de film af (let op dat er wel wat uitsteekt). Als je nog film over hebt op je rolletje kan je er een nieuwe leader aan knippen en het in een camera stoppen.

Het laden van de film in de camera is nog makkelijker dan bij een doorsnee camera. De lege huls zit links, de volle rechts. Duw het uiteinde van de film een klein stukje in de lege huls. Sluit de camera. Spoel een of twee opnamen door. Klaar! Simple comme bonjour, zoals de Fransen dat zo kernachtig uitdrukken.

Film in de Agfa isomat-rapid geladen.

Als het rolletje vol is merk je vanzelf dat je niet meer kunt doorspoelen. Als je film namelijk helemaal door de camera heen is geweest, komt hij voorbij het tandwieltje dat de film van het ene hulsje in het andere duwt en gebeurt er niets meer als je spoelt. Je hoeft de film niet terug te spoelen, hij zit nu in het linkerhulsje. Met een keurig uitstekend stukje film waaraan je hem in je doka eruit kan trekken om hem te ontwikkelen.

Het rolletje van de Agfa isomat rapid is vol.

Enige minpuntje is dat je geen iso kunt instellen op de camera. De Agfa-mensen hadden ooit het briljante idee dat op het hulsje een soort code in metaal zit met de iso. De camera leest dat af en weet welke iso hij moet gebruiken. Probleem is dat ik niet weer welke iso mijn hulzen aangeven. Ik vermoed iets laags, aangezien veel foto’s ietwat overbelicht lijken.

Gecrossproceste Koppelpoort met de Agfa-isomat rapid. In Photoshop iets opgekrikte bloemen met de Agfa isomat rapid.

Eigenlijk moet ik die hypothese eens testen door redscale te gebruiken (die de neging heeft om bij normate instellingen juist wat onderbelicht te zijn, en dus in de Agfa precies goed belicht zou moeten worden. Voor zover je dat kan vaststellen bij redscale…) Of foto’s bij weinig licht maken natuurlijk. Hoewel dat eerder ook niet altijd even goed ging.

Nogal donkere binnenfoto met de Agfa isomat rapid.