Archive for the ‘ fotografie ’ Category

35 in 120

Het was al weer jaren geleden dat ik nog eens 35 mm-film in een 120-camera had gebruikt. Hoog tijd om die truc weer eens uit de kast te trekken dus. Ik had nog nooit een 35 mm-rolletje in de Holga gedaan, dus dat was de eerste camera die ik selecteerde. Ik fröbelde er een rolletje Agfa Vista Plus 200 in en nam de camera mee op fietsvakantie. Van tevoren had ik even opgezocht hoe ver je de camera moest doorspoelen, want 35 mm-film heeft natuurlijk niet het handige backingpapier met nummers. 25 klikjes, zei Google, dus dat is wat ik deed.

Het resultaat is heel aardig. De 25 klikjes waren vooral aan het eind van de film goed, aan het begin was het eigenlijk iets te weinig, waardoor de eerste foto´s wat overlappen. Je mist dan een beetje het panorama/effect van de latere foto´s op het rolletje. Omdat alleen de hoekpunten van het beeld buiten de film vallen, mis je de sterke vignettering van de Holga grotendeels. We heb je nog steeds de dromerige uitstraling van de plastic lens. De foto´s die ik met de closeuplens maakte zijn ook weer typisch Holga: perfect scherp net achter het object dat ik wilde vastleggen… Maar goed, dat heeft verder niks met de film te maken, maar alles met mijn eigen gekluns.

Ik wilde ook nog een camera gebruiken die ik normaal nauwelijks gebruik. De Kodak Brownie box 6-20. Daar moet 620-film is, wat hetzelfde is als 120-film, maar op een iets ander spoeltje. Dat is een beetje gedoe, om een rolletje over te spoelen op een ander spoeltje, dus vandaar dat deze camera meestal maar wat stof staat te verzamelen. Nu deed ik er een rolletje Lomography CN 100 film in en ging ermee op pad.

Ik had van tevoren met wat loze film uitgemeten hoeveel ik moest doorspoelen (3,25 slagen van de spoelknop), maar daar heb ik me toch wat verteld. Er zit enorm veel afstand tussen mijn foto’s, ik had de helft meer foto’s kunnen nemen als ik beter had doorgespoeld (1,5 a 2 slagen was ook genoeg geweest als ik de negatieven zo bekijk. Puntje voor de volgende keer dus.

De Brownie Box maakt normaal nagetieven van 4 X 8 cm, wat als gevolg heeft dat de 35 mm-foto’s uit deze camera wat spectaculairder panoramisch zijn dan die in de Holga (die negatieven van 4 X 4 cm produceert). Ik vond het wel wat lastiger mikken met de Brownie om in beeld te krijgen wat ik in beeld wilde hebben. Toch vind ik uiteindelijk deze foto’s beter geslaagd dan die met de Holga, ze zijn wat duidelijker afwijkend.

Advertenties

Spelen met de scanner, deel 2

Mijn scannerexperiment van laatst was aardig, maar leverde niet echt spectaculaire beelden op. Nou kun je met een scanner natuurlijk nog wel meer. Het is eigenlijk een soort onhandige, statische, omgekeerde slit scan-camera. Waar een slit scan-camera stilstaat en zo bewegende dingen vastlegt, beweegt de scanner om stil liggende dingen vast te leggen. Ik gebruik hem om negatieven in te scannen, en af en toe een formulier of zo. Maar je kunt er natuurlijk ook andere dingen op leggen. Alles wat op een glasplaat ter grootte van een A4 past eigenlijk.

Dat levert ook niet noodzakelijkerwijs hele spannende plaatjes op, al kun je er wel fraaie, kraakheldere bloemenportretten mee maken.

Scannerfoto.

Scannerfoto.

Ik scande dus wat lentebloemen in, bewonderde het scherpe beeld, en bedacht toen dat het leuk zou zijn om tijdens het scannen de bloem wat heen en weer te schudden. Dat geeft inderdaad een geinig glitch-effect.

Scannerfoto met glitch.

Scannerfoto met glitch.

Nog leuker werd het toen ik beide varianten combineerde in een gifje.

Glitchgif.

Glitchgif.

De truc hierbij is om eerst het stilstaande beeld te scannen, niet aan de bloem te komen en meteen een tweede scan te maken. Bij die tweede wiebel je halverwege het scannen wat aan de bloem. Zo sluiten de plaatjes mooi op elkaar aan als je er een gif van bouwt (met gifmaker.me of een vergelijkbare site bijvoorbeeld). Ik herhaalde steeds een stuk of vijf statische beelden, en deed er dan één glitch bij. Als je ze allebei even lang maakt wordt het wat stroboscopisch, en ik vind het juist wel leuk als je in eerste instantie een stilstaand beeld ziet, en dan opeens een glitch.

Anyway, weer een extra functie voor de scannen gevonden en mezelf een uurtje aangenaam bezig gehouden.

Hyacinthgif

Hyacinthgif

Pinholemaand 1

Ooit maakte ik al eens een versie van deze pinhole panoramacamera. De resultaten waren veelbelovend, maar nog wat ruw. Een tweede versie bleek dan weer een teleurstelling te zijn. Ik nam aan dat het door slecht aftapen kwam, en hergebruikte die laatste camera, maar dan met zorgvuldiger afgetapete naden.

Tsja. Na een tweede rolletje vol lichtlekken ben ik de conclusie gekomen dat het niet aan de tape ligt, maar aan een krukkige sluiterconstructie. Daarbij is de pinhole zelf volgens mij ook niet echt heel goed gelukt, want de foto’s zijn hardnekkig onscherpig gebleven. Echt een haarscherp beeld is toch al lastig met zo’n eigen fabrikaat pinhole, maar deze foto’s waren wel erg wollig.

Misschien dat ik het volgend jaar nog eens probeer met een andere sluiterconstructie.

Rocket Pinhole met Adox CMS 20 film

Rocket Pinhole met Adox CMS 20 film

Rocket Pinhole met Adox CMS 20 film

Rocket Pinhole met Adox CMS 20 film

 

Spelen met de scanner

Toen ik laatst licht verveeld over het internet surfte, kwam ik via het onvolprezen welikeart.nl het werk tegen van Jannemarijn Renout. Volstrekt abstracte plaatjes zonder een schijn van figuratief, gemaakt door met een scanner op de lucht of het water te richten en dan een scan te maken. Het resultaat zijn kleurrijke, geometrisch aandoende beelden, een soort reuzenglitch. Mooi vind ik ze, vooral als je er een aantal bij elkaar ziet.

Ik las het interview met Renout, keek eens naar mijn eigen scanner, en dacht: hmmm…

Het was stralend weer, ds sleepte ik scanner en laptop (want zonder computer wil mijn scanner niet) naar buiten, plugde alles in een verlengsnoer, zette de scanner open en drukte op ‘scannen’. Het resultaat was een spierwit overbelicht plaatje.

Wit plaatje gemaakt met de Epson V500 flatbedscanner.

Gemaakt met de Epson V500 flatbedscanner.

Misschien moet ik voor het scannen wat et de instellingen klooien, dacht ik, en schoof wat aan de histogrammen in het scannerprogramma. Het resultaat was nog altijd weinig spectaculair.

Grijzig plaatje gemaakt met de Epson V500 flatbedscanner.

Gemaakt met de Epson V500 flatbedscanner.

De lucht was duidelijk te licht voor mijn apparatuur, dus keerde ik de scanner om en richtte hem op de grond. Daar is het ding geloof ik niet helemaal op gebouwd, want al snel begon hij onheilspellende geluiden te produceren. Ik ben nogal aan mijn scanner gehecht, ik heb nogal wat negatieven te verweken tenslotte, dus keerde ik hem maar snel weer rechtop. Het resultaat was dit keer al meer wat ik ervan had gehoopt: deels abstract, deels mijn bezorgde gezicht.

Half abstract beeld gemaakt met de Epson V500 flatbedscanner.

Gemaakt met de Epson V500 flatbedscanner.

Als laatste probeerde ik de lucht nog maar een keer, het licht wat afschermend met mijn hoofd.Het resultaat is dit prachtige zelfportret. Het valt me reuze mee hoe scherp het beeld nog is. Raar breed uitgerekt, dat wel, maar toch vrij herkenbaar. Geinig.

Zelfportret gemaakt met de Epson V500 flatbedscanner.

Gemaakt met de Epson V500 flatbedscanner.

Al met al bepaald niet de fraaie plaatjes die Renout weet te maken, maar goed, haar werkwijze is dan ook wel iets intensiever dan mijn vijf minuten per scan. Dat je niet denkt, dat kan mijn kleine zusje ook, want het valt dus nog niet mee om er echt goeie beelden uit te halen. Desalniettemin was het een leuk experiment, de moeite waard om eens te proberen.

Stereofotografie

Vorig jaar kocht ik het boek Queen in 3D, vol met stereofoto’s van de band Queen. Gitarist Brian May blijkt behalve muzikant namelijk ook groot liefhebber en verzamelaar te zijn van stereofoto’s. Zijn London Stereoscopic Company geeft behalve het genoemde boek ook setjes klassieke stereofoto’s uit, en hij heeft zelf ook heel wat stereofoto’s gemaakt in de loop der jaren. Aangezien bij het boek ook een speciale stereoviewer zat, leek het me leuk om ook eens wat stereoplaatjes te gaan schieten.

Toevallig had ik ook net de Holga TIM aangeschaft, die met zijn twee lenzen naast elkaar ook een soort stereocamera is. Ik ging dus op pad om wat stereoplaatjes te schieten. Ik gebruikte twee methodes:

  • Met de twee lenzen tegelijk schieten, in de hoop dat de afstand tussen de lenzen genoeg zou zijn voor een stereo-effect.
  • Omdat ik twijfelde of de afstand wel genoeg zou zijn, maakte ik ook wat foto’s met één lens tegelijk, waarbij ik tussen de twee foto´s een klein stapje opzij deed.

Het resultaat was een serie bijna identieke duo´s, waarbij wel bleek dat je bij het één voor één fotograferen wel moet zorgen dat je de camera recht blijft houden…

Stereofoto met twee lenzen tegelijk. Holga TIM met Lomography Lady Grey 400 film.

Stereofoto met twee lenzen tegelijk. Holga TIM met Lomography Lady Grey 400 film.

Stereofoto met losse foto´s met een stapje ertussen. Holga TIM met Lomography Lady Grey 400 film.

Stereofoto met losse foto´s met een stapje ertussen. Holga TIM met Lomography Lady Grey 400 film.

Bij gebrek aan printer thuis maakte ik na het inscannen eerst een paar zogenaamde wiggle gifjes. Die waren lang niet onaardig (en een goede manier om hier wat van het effect zichtbaar te maken).

Gif van twee bijna identieke foto's. Holga TIM met Lomography Lady Grey 400 film.

Gif van twee bijna identieke foto’s. Holga TIM met Lomography Lady Grey 400 film.

Aardig, maar nog niet helemaal het spectaculaire 3D-effect waar ik op hoopte. En ik wilde natuurlijk ook de stereoviewer uitproberen. Dus printte ik mijn foto’s uit, een beetje op de gok wat me een goede afmeting leek. Later las ik op de stite van de Stereoscopic Company dat 7 à 7,5 cm afstand tussen de middelpunten van de foto’s ideaal is. Gelukkig zat ik daar niet al te ver vanaf.

Stereoviewer met foto's.

Stereoviewer met foto’s.

En zowaar! 3D! Zomaar zelf gemaakt en alles. Zowel de foto’s met beide lenzen tegelijk als die met de lenzen apart werken. Wel is het effect wat duidelijker als je ze los maakt, of het moeten echt close-ups zijn (zoals de bol knoflook). Maar een klein stapje opzij is al genoeg, of zelfs van je ene voet op je andere voet leunen. Verder werkt het het best als je een duidelijk losstaand voorwerp tegen een achtergrond hebt (weer die knoflook, of een gebouw), of een straatje met duidelijk diepte.

Je hoeft er natuurlijk ook niet speciaal een camera met twee lenzen voor te gebruiken, elke camera is goed, het is gewoon een kwestie van twee keer afdrukken. Dit gaat het denk ik heel leuk doen op vakantie, in pittoreske smalle steegjes en zo. Het is in elk geval zeker voor herhaling vatbaar.

Tweede poging filmsoep

Mijn eerste poging tot filmsoep was niet geweldig, maar ook weer geen totale mislukking. Ik wilde er dus wel een tweede poging aan wagen. Ik gebruikte dit keer een fatsoenlijke camera, genoeg licht, en liet het rolletje mee in de afwasmachine draaien (op 65°). Ik liet het dit keer een week of drie drogen voor ik het ontwikkelde, en daar werkte beter. Bij de leader zag je wel dat een deel van de emulsie helemaal weg was, wat me enige zorgen baarde.

Aangetaste emulsie

Aangetaste emulsie

Na het ontwikkelen boek dat gelukkig mee te vallen. Een paar kleine plekjes waar de emulsie waar was aangevreten, op een nog best decoratieve manier, en verder was de film redelijk intact.

De film was daarbij ook nog eens redelijk waar ik ervan gehoopt had. Gezellige kleurzwemen en hier en daar lichtgevend gele spikkels, maar wel zo dat de foto’s nog herkenbaar en schep waren. Helemaal niet onaardig. Ik durf niet te zeggen of ik dit vaker ga doen, maar in principe geeft de afwasmachine-methode eigenlijk best leuke resultaten.

Door de afwasmachine gehaalde film.

Door de afwasmachine gehaalde film, met bovenaan een plekje weggevreten emulsie.

Door de afwasmachine gehaalde film.

Door de afwasmachine gehaalde film.

Door de afwasmachine gehaalde film.

Door de afwasmachine gehaalde film.

Triomf!

Eind 2016 tikte ik bij de kringloopwinkel een fraai cameraatje op de kop, een Ricoh 500G. Ik viel voor het fraaie uiterlijk en kon niet wachten om er mee op pad te gaan. Wel moest ik eerst de vieze prut van een vergane binnenbekleding wegpoetsen. Al snel bleek dat de reepjes fluweel die ik ter vervanging in de camera had geplakt niet voldoende waren. Lichtlekken zover het oog reikte.

Meer fluweel dus. Maar helaas, nog altijd niet genoeg fluweel. Dat zag ik pas twee rollen later, want ik had in mijn optimisme de Ricoh al meegenomen op vakantie. Gelukkig vielen de lichtlekken op de winterse zwartwitfoto’s wat minder op, maar het bleef jammer. Nog wat extra fluweel dus. Tot mijn chagrijn bleek ook dit nog niet genoeg te zijn.

Bij de meeste andere camera’s zou ik het al lang en breed hebben opgegeven. Maar de Ricoh 500G was zo mooi, en de foto’s die wel lukten, waren toch wel weer zo goed dat ik het niet zomaar wilde opgeven. Meer fluweel dus, tot ik bijna bang was dat de camera spontaan open zou springen. Maar met succes. Het kreng is eindelijk lichtdicht! Triomf!

Ricoh 500G met Agfa Vista Plus 200

Ricoh 500G met Agfa Vista Plus 200

We gaan mooie dingen maken, mijn Ricoh 500G en ik.

Advertenties